Werking van de kering

De hoogte van het waterpeil wordt uitgedrukt in het aantal meters boven of beneden N.A.P. N.A.P. staat voor Normaal Amsterdams Peil en is het peil van de gemiddelde hoogwaterstand van het IJ in Amsterdam rond 1680, toen het nog in open verbinding met de Noordzee stond. Nu komt het N.A.P. overeen met de gemiddelde zeespiegelstand. In 300 jaar tijd is dus zowel het land gedaald als de zeespiegel gestegen! De N.A.P.-ijkpaal bevindt zich onder de Dam in Amsterdam.

Werking van de kering

De Stormvloedkering wordt gesloten met behulp van een hydraulisch systeem. Aan de lengte van de hydraulische cilinders boven de kering kun je zien hoe hoog de schuif op die plek is. En dus ook hoe diep het water daar is. Het patroon van de buizen geeft een spiegelbeeld van de stroomgeulen te zien.

De bediening vindt centraal plaats in de bedieningskamer in het ir. J.W. Topshuis, Hier wordt aan de hand van de verwachte waterstand bepaald of de kering open blijft of gesloten moet worden. Het sluitingspeil is wettelijk vastgesteld op 3.00 meter boven N.A.P.

Als de verwachte waterstand die 3.00 meter zal bereiken of overschrijden, dan beslist het sluitingsteam van Rijkswaterstaat de kering te sluiten. Met een druk op de knop wordt de sluiting in werking gesteld. Als er niemand aanwezig kan zijn om te beslissen en de knop in te drukken doet het Nood luitSysteem zijn werk. De computer start in dit geval de sluiting zodra het waterpeil de 3.00 meter heeft bereikt.

Vanaf de ingebruikname in 1986 is de kering in totaal 24 keer gesloten geweest, omdat de verwachte waterstand de 3.00 meter boven N.A.P. bereikte of overschreed.

Bouw

Bouw van de Stormvloedkering
De bouw van de Stormvloedkering begint in 1979.

Neeltje Jans: werkeiland

In de geulen Hammen, Schaar en Roompot worden in totaal 65 pijlers met daartussen 62 schuiven geplaatst. In het kader van de eerdere plannen waren de ondiepe delen in de monding van de Oosterschelde al opgehoogd tot eilanden. Het eiland Neeltje Jans wordt nu ingericht als werkeiland, van waaruit de werkzaamheden worden aangepakt.
Hier worden ook de geprefabriceerde elementen gebouwd: de pijlers, de dorpelbalken en de funderingsmatten. Daarnaast fungeert Neeltje Jans als opslagplaats voor de stenen, die later rondom de pijlers gestort worden.

Speciaal materieel
Speciaal voor de bouw van deze kering wordt een aantal werkschepen ontworpen en gebouwd: de Ostrea, de Macoma, de Mytilus en de Cardium.

Pijlers

De pijlers worden gebouwd in de drooggemalen bouwdokken op Neeltje Jans. Zodra de laatste pijler gereed is, wordt de dijk doorgestoken en staan de pijlers in zo’n 15 meter diep water. Het hefschip Ostrea pakt een pijler op, transporteert deze naar zijn plek in de kering en plaatst het samen met de Macoma tot op enkele centimeters nauwkeurig op de fundering.

De Macoma zorgt er tijdens de plaatsing ook voor dat er geen zand tussen de voet van de pijler en de funderingsmat komt. Nadat de pijlers geplaatst zijn worden ze ingebed in een onderwaterdrempel van stortsteen. Uiteindelijk is zo’n vijf miljoen ton stortsteen verwerkt, die over een periode van 4 jaar aangevoerd en opgeslagen worden op Neeltje Jans. In het oorspronkelijke ontwerp van de Stormvloedkering waren 63 schuiven en 66 pijlers gepland. Door de hogere kosten van de bouw werd de 63ste schuif wegbezuinigd. Pijler nummer 66 is echter wel gebouwd en werd de Universeel Inzetbare Pijler (U.I.P.) genoemd. Mocht er met één van de andere pijlers iets verkeerd gaan tijdens het transport of de plaatsing, dan was de U.I.P. als reserve voorhanden. Alles ging echter perfect en de U.I.P. is nooit van z’n plek geweest. Nu doet hij dienst als klimobject.

Fundering

De Stormvloedkering wordt gebouwd in sterk stromend water. Een goede fundering is daarom van groot belang. De kering mag natuurlijk niet verzakken of verschuiven!

De Mytilus is uitgerust met grote trilnaalden. Eén van deze naalden is te zien in de buitenexpositie van Deltapark Neeltje Jans. De trillende naalden zorgen voor een verdichting van de zandlaag, waardoor die steviger wordt.

Twee funderingsmatten onder elke pijler moeten zorgen voor een maximale stabiliteit. De matten worden geproduceerd in de mattenfabriek op Neeltje Jans. De Cardium rolt de funderingsmatten langzaam uit over de bodem. In de film Delta Finale zijn daar prachtige beelden van te zien.

Schuiven

De 62 schuiven zijn van staal en bijna 42 meter lang. De hoogte verschilt al naar gelang de diepte van het stroomgat ter plekke; van 6 meter tot bijna 12 meter.

Het bewegingsmechanisme is een hydraulisch systeem. Elke schuif wordt bewogen door twee hydraulische cilinders. De bediening van het systeem vindt plaats vanuit het ir. J.W. Topshuis.

Meer informatie over de bouw kun je zien in de film Delta Finale.

Bovenbouw

Na het aanbrengen van de onderwaterdrempel wordt de bovenbouw van de kering voltooid. Eerst worden de verkeerskokers aangebracht; kokervormige balken die de weg over de kering dragen en waarin de bewegingsapparatuur ondergebracht wordt. Dan volgen de opzetstukken van de pijlers, die de pijler verhogen waar de schuiven aan hangen. Gevolgd door de dorpelbalk, die bovenop de onderwaterdrempel wordt geplaatst.
Tenslotte vormen de bovenbalken de bovenbegrenzing van de openingen waar het water doorheen stroomt en die afgesloten kunnen worden met de schuiven.